Rik Van de Walle

kandidaat-rector

Ik ben geboren in 1970 en behaalde diploma's van burgerlijk natuurkundig ingenieur en doctor in de toegepaste wetenschappen aan de faculteit Ingenieurswetenschappen en Architectuur van de Universiteit Gent.  Na een 'visiting post-doctoral fellowship' aan de University of Arizona (Tucson, VS) kwam ik terug naar Gent, werd voltijds docent in 2001 en richtte het Multimedia Lab op.  Deze onderzoeksgroep was een van de stichtende onderzoeksgroepen van iMinds (sinds 2016 imec) en werd in 2016 omgedoopt tot Internet and Data Lab, na een fusie met twee andere onderzoeksgroepen (over vakgroep- en zelfs universiteitsgrenzen heen). IDLab is een zeer omvangrijke groep: ongeveer 300 leden maken er deel van uit.

Qua onderzoek gaat mijn interesse uit naar multimediatoepassingen, systemen en signalen, data science en e-health/gezondheidszorg. Ik doceer(de) vakken uit opleidingen die worden aangeboden in de faculteiten Ingenieurswetenschappen en Architectuur, Wetenschappen, Geneeskunde en Gezondheidswetenschappen.

Sinds 2012 ben ik decaan van de faculteit Ingenieurswetenschappen en Architectuur, en sinds 2014 voorzitter van de vakgroep Elektronica en Informatiesystemen. Ik ben tevens lid van de raad van bestuur van imec.

In tegenstelling tot wat je misschien denkt, ben ik niet getrouwd met mijn werk maar wel met de nog veel boeiender Brenda Delcloo. Ik ben papa van Bram en Kim, stiefpapa van Mauro en Plan Ouder.  In mijn jeugd was ik een beloftevol tennisspeler (of dat dacht ik toch).  Mijn huidige sportactiviteiten kunnen het best worden omschreven als 'gepassioneerd duursporter', met jaarlijks één tot twee deelnames aan grote stadsmarathons (PB: 3:11:38 – Amsterdam 2015).

Ten slotte was ik gedurende vele jaren een gepassioneerd dwarsfluitspeler. Ik bewaar zeer goede herinneringen aan de talloze concerten die ik speelde, als lid van verschillende orkesten en ensembles.  Sinds een paar jaar zijn mijn muzikale ambities evenwel beperkt: ze reiken niet veel verder meer dan geregeld een goed concert bijwonen.

Resterende vrije momenten vul ik op door wat te lezen. Fictie of non-fictie? Ik heb niet echt een voorkeur. Bij het kiezen van boeken laat ik mij vooral leiden door wat vrienden en kennissen mij aanraden, of door toevallige ontmoetingen met boeken in etalages of rekken.

Mijn academische loopbaan en mijn levensloop tout court doen vermoeden dat ik graag heb dat het vooruitgaat. Dat is ook zo – ik wil niet alleen dromen, maar ik wil die dromen ook realiseren. De marathons die ik loop zijn trouwens lessen in geduld en focus. 'When you run the marathon, you run against the distance, not against the other runners and not against the time,' zegt de Ethiopische atleet Haile Gebrselassie, een van de grootste langeafstandslopers aller tijden. Hij heeft gelijk. Je loopt niet tegen de andere lopers; je loopt samen met hen. Het einddoel bereik je alleen als je door velen gesteund wordt, tijdens de marathon én in de aanloop ernaar. Want laat je vooral niets wijsmaken: de fameuze runner’s high bestaat, maar hij komt alleen na ontelbare uren voorbereiding!

Mieke Van Herreweghe

kandidaat-vicerector

Ik ben geboren in 1965. In 1987 werd ik licentiaat in de Germaanse Filologie, een jaar later behaalde ik nog een M.A. in Linguistics aan het University College Dublin (Ierland). Na een mandaat als aspirant bij het Fonds voor Wetenschappelijk Onderzoek – Vlaanderen promoveerde ik in 1996 aan de Universiteit Gent tot doctor in de taal- en letterkunde: Germaanse talen met een proefschrift getiteld: “Prelinguaal dove jongeren en Nederlands: een syntactisch onderzoek”.

Dat thema heeft me nadien nooit meer losgelaten. In de loop der jaren is mijn onderzoeksgebied, eerst als doctor-assistent in de Vakgroep Engels en als post-doctoraal onderzoeker van het Fonds voor Wetenschappelijk Onderzoek – Vlaanderen, lichtjes verschoven en ben ik me steeds meer gaan concentreren op de contrastieve analyse van bepaalde grammaticale aspecten in de Vlaamse Gebarentaal (of VGT) vergeleken met het Nederlands. Ik ben tolk Vlaamse Gebarentaal en stond mee aan de wieg van het Vlaams GebarentaalCentrum, vandaag door de overheid erkend als het kennis- en expertisecentrum over Vlaamse Gebarentaal

Sinds 2012 ben ik hoogleraar Engelse taalkunde. Ik doe onderzoek naar de verwerving van het Engels als vreemde taal en naar historische aspecten van het Engels, maar de Vlaamse Gebarentaal laat me niet los. Ik onderzoek die nog altijd en bekijk die bijzonder breed, vanuit grammaticale, lexicografische, tolktechnische én sociolinguïstische invalshoeken.

Een van mijn voornaamste beweegredenen om me kandidaat-vicerector te stellen, is dat ik er oprecht van overtuigd ben dat de UGent meer vrouwen nodig heeft in beleidsfuncties. Een beter genderevenwicht – in alle geledingen van de UGent – zal de universiteit alleen maar sterker maken. Ik was vier jaar lang voorzitter van de opleiding Taal- en Letterkunde, sinds vorig jaar ben ik onderzoeksdirecteur van de Faculteit Letteren en Wijsbegeerte. Als ik rond me kijk, zie ik te weinig andere vrouwen die mee de lijnen uitstippelen aan de UGent en haar verschillende faculteiten. Mijn kandidatuur is het logische gevolg van die vaststelling: ik kon het onevenwicht opmerken en aanklagen, of ik kan er zelf iets aan proberen te doen. Ik ben er zeker van dat ik in Rik een bondgenoot heb gevonden om de koe bij de hoorns te vatten. We zijn allebei nogal van het type ‘geen woorden, maar daden’.

Mijn eigen persoonlijke achtergrond maakt dat ik bijzonder veel belang hecht aan vertrouwen. Mijn vader was blind. Van jongs af heb thuis meegekregen dat we elkaar – letterlijk - blind moesten kunnen vertrouwen. Dat wil ik ook overbrengen op de UGent. De allerbeste manier om vertrouwen te krijgen, is nog altijd vertrouwen geven. Mijn twee oudste dochters (ik heb er samen met mijn man drie) studeren ondertussen ook aan de UGent. Het zou mooi zijn als ze het vertrouwen dat ze thuis voelen ook aan de universiteit voelen. Samen met al hun medestudenten en met mijn collega’s.

Net als Rik was ik in mijn jeugd een fervent sporter. Ik deed zowel aan waterskiën als aan badminton in competitie. Ik ben vrijwilligster bij Turnclub Athena. Naast mijn gezin besteed ik mijn tijd buiten de UGent vooral aan koken, lezen en reizen.

Sarah De Saeger

Ik ben geboren in 1971 in Dendermonde, gehuwd en mama van twee kinderen, Jules (°2000) en Louise (°2002). Ik behaalde de diploma’s apotheker (1994) en doctor in de farmaceutische wetenschappen (1999) aan de Universiteit Gent. Vervolgens doorliep ik mijn loopbaan aan de UGent in de vakgroep bioanalyse (FW03) (Laboratorium voor Bromatologie) als wetenschappelijk medewerker (1994-1999), doctor-assistent (1999-2005), docent (2005-2010), hoofddocent (2010-2014) en hoogleraar (2014-heden).

Ik doceer de voedingsgerelateerde cursussen in de faculteit farmaceutische wetenschappen: bromatologie, bijzondere voeding en het bioanalytisch practicum. Ik was betrokken bij 3 onderwijsinnovatieprojecten: bioanalytisch practicum (2012), bromatologie in de apotheek (2014) en IbeS: innovation by e-simulation (2014). Onderwijs en kennisoverdracht aan mensen uit ontwikkelingslanden zijn voor mij persoonlijk zeer belangrijk en dit heeft geleid tot het coördineren van VLIR-UOS Short Training Initiatives ‘Intensive Training on Mycotoxin Analysis’ in 2012, 2013 en 2014.

Mijn onderzoeksexpertise situeert zich op het vlak van voedselveiligheid en voedingsmiddelenanalyse. Meer bepaald heb ik een passie ontwikkeld voor het onderzoek naar schimmeltoxinen (mycotoxinen). In 2015 mocht ik de UGent Prometheus onderscheiding voor onderzoek ontvangen.

Samenwerken, over grenzen heen, is de sleutel tot succes in wetenschappelijk onderzoek. Het onderzoeksplatform MYTOX (www.mytox.be) waarvan ik coördinator ben, viert dit jaar zijn 10de verjaardag. Veertien onderzoeksgroepen uit verschillende UGent en Hogent faculteiten werken samen, multidisciplinair, rond het thema mycotoxinen. In mijn onderzoeksgroep wordt gewerkt rond 4 onderzoekslijnen, namelijk mycotoxinen en humane gezondheid, detectiemethoden, metabolomics, en voorkomen en incidentie van mycotoxinen. Het mycotoxineprobleem is een wereldwijd probleem en moet international aangepakt worden. In 2015 heb ik het Joint Laboratory of Mycotoxin Research of the Ghent University-Shanghai Jiao Tong University-Chinese Academy of Sciences (Shanghai Institutes of Biological Sciences) opgericht. Maar ook in Rusland, US, en diverse Afrikaanse landen heb ik sterke samenwerkingsverbanden opgericht. Recent werd het MYTOX-SOUTH initiatief opgestart waarbij de samenwerkingen tussen US, China, UGent en Afrika verder worden versterkt.

Ik ben lid van diverse commissies aan de Ugent, namelijk de onderzoeksraad (2013-…), IOF-raad (2013-…), commissie ontwikkelingssamenwerking (2012-…), plaatsvervanger in de Raad van Bestuur (2014-…), stuurgroep van het China platform (2013-…), stuurgroep van het Russia platform (2016-…). Gezien mijn expertise in voedselveiligheid ben ik eveneens lid van het Wetenschappelijk Comité van het Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen (FAVV) (2015-…).

Mijn engagement en passie voor de UGent zijn heel groot; de combinatie met een jong gezin is niet altijd evident en veel vrije tijd blijft er dan ook niet over. Toch probeer ik regelmatig te sporten en ben ik gepassioneerd – ik was een fervent violiste – door verschillende genres muziek, met een lichte voorkeur voor jazz muziek. Wandelen in de natuur en yoga brengen me helemaal tot rust.

Guido Van Huylenbroeck

Ik ben geboren op 14 september 1958 in de keizerlijke stede Aalst en er ook opgegroeid. Na mijn humaniorastudies kwam ik naar Gent om er aan de universiteit voor landbouwkundig ingenieur te studeren (nu zou dat bio-ingenieur zijn). Ik haalde dit diploma in 1981 in de specialisatierichting landbouweconomie want de combinatie van technische kennis en economische kennis boeide mij sterk. In die tijd was legerdienst nog verplicht. Deze deed ik in Duitsland (een eerste internationale ervaring). Vervolgens kwam ik terug naar de universiteit Gent als assistent en legde er in 1988 mijn doctoraat af in de landbouweconomie over het gebruik van multicriteria-analyse voor de evaluatie van landinrichtingsprojecten. Tijdens mijn doctoraat verbleef ik voor enkele maanden aan de Vrije Universiteit Amsterdam en haalde ik ook nog een postgraduaat inzake landinrichting in Brussel (1988), een interuniversitaire opleiding die werd ingericht door 3 universiteiten (Gent, Leuven en Brussel) samen met de Vlaamse Landmaatschappij.

In 1988 huwde ik met Ana Marques uit Portugal. Samen hebben we 4 kinderen waarvan drie reeds een diploma behaalden aan de universiteit Gent en de jongste er dit jaar begonnen is aan zijn universitaire studies.

Na mijn doctoraat werd ik aangesteld als e.a. assistent (zou nu doctor-assistent zijn) en in 1995 als docent. Nadien doorliep ik alle stappen van de carrière: docent (1995-1997), hoofddocent (1998-2002), hoogleraar (2002-2008) en gewoon hoogleraar (2008-heden). Ik doceerde in 5 faculteiten (FBW, FDG, FWE, FEA en FPS)  cursussen inzake Landbouw- en plattelandsbeleid, Europees landbouwbeleid, Economie van de dierlijke productie, Landbouweconomische onderzoekstechnieken, Milieueconomie en Management van natuurlijke hulpbronnen. In 2004 was ik oprichter van de allereerste Erasmus Mundus Master in Rural Development, een internationale master met beurzen van de Europese Unie, die telkens gunstig werd geëvalueerd en nog steeds op Europese erkenning mag rekenen. Ondertussen komt deze master ook in aanmerking voor vliruos beurzen. Het consortium bestaat uit 6 EU, 1 US, 6 andere non-EU partners (China (2), India, Zuid-Afrika, Vietnam en Ecuador) en 3 universiteiten uit Zuid-Korea.

Wat onderzoek betreft gaat mijn belangstelling naar de toepassing van neo-institutionele economie in landbouw en ruraal milieubeleid met specfieke aandacht voor  de agrarische bedrijfseconomie, landbouwpolitiek en plattelandsontwikkeling. Ik werkte daarbij veel in Oost-Europa waar de vraag naar kennis inzake deze vakgebieden groot was na de val van de Berlijnse muur. Dit leverde mij ook 3 eredoctoraten op van  de National University of Life and Environmental Sciences of Ukraine, Aleksandras Stulginskis University in Lithuania en de Slovak Agricultural University in Nitra. Tevens resulteerde dit onderzoek in 398 publicaties waarvan 198 peer reviewed artikels en was ik editor van 10 internationale boeken (https://biblio.ugent.be/person/801000518605) (1856 WoS citaties en 6491 citaties  in google scholar) en promotor van tot op heden 35 afgelegde doctoraten. Ik was ook coördinator van 7 EU projecten, verschillende DWTC, BOF en  IWT-projecten.

Inzake beleidservaring was ik binnen de Faculteit Bio-ingenieurswetenschappen secretaris van de opleidingscommissie (1996-2002), FCI-voorzitter (2003-2008) en decaan (2008-2015). In 2015 vroeg de huidige rector mij om om het internationaliseringsbeleid van de universiteit vorm te geven en aan te sturen als academisch directeur internationalisering. Vanuit die functie ben ik ook vertegenwoordiger van de UGent in het vlir-uos bureau  en de vlir-werkgroep internationalisering.

Ook extern heb ik bestuursvergadering o.a. als bestuurslid en treasurer van de European Agricultural Economic Association (2005-heden); Bestuurslid en voorzitter (2010-2016)) van ICA  European Association of Agricultural and Life Science Universities (67 universiteiten als leden),  Raad van bestuur van Inagro (sinds 2011-215), Raad van beheer ILVO (2008-2010) Lid raadgevend Comité ILVO (sinds 2011), en  voorzitter OBSG, een vzw die huisvesting verzorgt voor buitenlandse studenten (sinds 1999).

Isabel Van Driessche

Na het behalen van het licentiaatsdiploma wetenschappen – chemie in 1988, haalde ik in 1995 een doctoraat in de wetenschappen rond het onderzoeksthema ‘synthese en karakterisatie van supergeleidende Bi-materialen’. Dat jaar behaalde ik eveneens het diploma aggregaat secundair onderwijs aan de UGent.

Eveneens in 1995 kreeg ik de kans mijn onderzoek te implementeren in een industrieel valorisatieproject. Na een half jaar intensieve voorbereiding werd een Europees project gehonoreerd, waarin de UGent samen met zeven industriële en academische partners onderzoeksresultaten rond supergeleidende coatings kon patenteren en valoriseren. Deze ervaring betekende de start van een academische loopbaan waar fundamenteel onderzoek en valorisatie elkaar steeds versterkten in domeinen van chemische depositie van nanocomposiet coatings voor sensoren, brandstofcellen en energie tot nanodeeltjes voor katalyse en fundamentele studies van nanokristaloppervlakken.

Na mijn benoeming in 2004 in het ZAP-kader, kon ik me eveneens ten volle toeleggen op mijn tweede passie, het lesgeven. Als lesgever in diverse richtingen zoals chemie, biotechnologie, farmaceutische wetenschappen, geneeskunde en diergeneeskunde, zette ik, samen met een team, succesvolle structuren en onderwijsinnovatieprojecten op voor onderwijs in algemene chemie.

Een constante gedurende mijn volledige loopbaan is de actieve deelname aan diverse bestuurlijke en beleidsorganen. Als WP-lid legde ik me toe op facultaire raden en commissies zoals de interfacultaire bibliotheekcommissie, de opleidingscommissie chemie en de faculteitsraad wetenschappen, samen met wetenschapspopularisering (o.a. redactieraad chemie magazine en de chemie olympiade).  Het ZAP-mandaat liet me toe actief in het beleid aanwezig te zijn en de werking van de universiteit ten gronde te leren kennen en mee vorm te geven, via o.a. het voorzitterschap van de examencommissie chemie, lid van opleidinsgcommissies in diverse faculteiten, als facultaire ombudspersoon, als vakgroepvoorzitter, als lid van de IOF-raad en als lid van de raad van bestuur. Ik engageerde me eveneens in de bestuursraden van VUB en VITO.

Mijn vakgroep Anorganische en Fysische Chemie is uitgegroeid tot 10 ZAP-leden, een 100-tal internationale medewerkers en een sterk groeiende output in interdisciplinair onderzoek en deelname aan (internationale) projecten en consortia. Vorig jaar werd een internationale toponderzoeker aangetrokken en recent een ERC-grant houder (Univ. Genua) en een veelbelovend internationaal talent via de BOF algemene ZAP-oproep. Hieruit blijkt een groeiende internationale aantrekkingskracht, het resultaat van een jarenlang positief engagement van een team. Recent werd een fusie voltooid met de vakgroep Analytische Chemie, waardoor we uitgroeien naar een 14-tal ZAP en 150-tal medewerkers, met mogelijkheid tot multidisciplinair toponderzoek.

Het jarenlange engagement op diverse niveaus heeft me diepe inzichten verschaft in de procedures en HR van de universiteit. Ik wil mijn verworven inzichten vanuit de ogen van een facultair onderzoeker en lesgever, evenals vanuit de kennis als bestuurder en beleidsmaker, nu graag nog intensiever ten dienste stellen. In een snel evoluerende internationale maatschappij, moeten universiteiten een toonaangevende rol spelen. In het voorgedragen rectorale team vind ik een collegiale inzet om multidiscplinaire aandachtspunten over de grenzen van beleidsdomeinen heen, aan te pakken. Dit is voor mij een bijzondere drijfveer om hierin het beste van mezelf te geven.

Naast mijn groot engagement en passie voor de UGent, breng ik graag tijd door in de natuur, in België of de wijde wereld. Ik geniet van een goed boek of een muziekconcert. Ik koester het samenzijn met mijn twee kinderen, ik hou ervan hun activiteiten te bewonderen. Gezellig tafelen met familie en vrienden zijn momenten die me bijzonder dierbaar zijn.

Herwig Reynaert

Herwig Reynaert is decaan van de Faculteit Politieke en Sociale Wetenschappen en als gewoon hoogleraar verbonden aan de vakgroep politieke wetenschappen van de Universiteit Gent. Hij is vakgebiedvoorzitter van het vakgebied lokale en regionale politiek en voorzitter van het centrum voor lokale politiek. Hij publiceerde als auteur en/of coauteur talrijke boeken en is auteur van tientallen wetenschappelijke artikels en hoofdstukken in boeken. Hij doceert de vakken lokale politiek, actuele vraagstukken van de lokale politiek, Belgische binnenlandse politiek en interne Belgische politiek. Hij is eveneens promotor van diverse onderzoeksprojecten met de lokale en/of provinciale politiek als centrale thema’s. Hij heeft tevens een grote belangstelling voor sport en Wereldoorlog I wat resulteerde in het boek ‘Olympiërs in Flanders Fields’, een tentoonstelling ‘Olympiërs in Flanders Fields’ en een muziekproject samen met Wannes Cappelle en harmonie Ypriana.